Comfort, dat betekent voor Ingrid: chocolade en koffie. Na drie maanden rondtrekken vinden we net voor we naar het ziekenhuis gaan voor een chocoladeinfuus, een chocolatier in Sucre die haar 150 gram gelukzaligheid verkoopt. Maar erger nog is het gemis aan koffie. We dachten dat Zuid-Amerika als koffieland ons wat dat betreft wel zou bevredigen, maar niets is minder waar. Iedereen drinkt hier Nescafé. Bah. We horen wel bemoedigende berichten over Argentinië. Het zou niet moeilijk mogen zijn daar een expresso machine te vinden. Maar eerst nog drie weken Bolivië zonder koffie uitzitten...
29 oktober 2007
Chocolade en Koffie
Comfort, dat betekent voor Ingrid: chocolade en koffie. Na drie maanden rondtrekken vinden we net voor we naar het ziekenhuis gaan voor een chocoladeinfuus, een chocolatier in Sucre die haar 150 gram gelukzaligheid verkoopt. Maar erger nog is het gemis aan koffie. We dachten dat Zuid-Amerika als koffieland ons wat dat betreft wel zou bevredigen, maar niets is minder waar. Iedereen drinkt hier Nescafé. Bah. We horen wel bemoedigende berichten over Argentinië. Het zou niet moeilijk mogen zijn daar een expresso machine te vinden. Maar eerst nog drie weken Bolivië zonder koffie uitzitten...
Sucre
De duurst mogelijke nachtbus van La Paz naar Sucre maakt haar beloften waar: we slapen goed en komen op tijd aan. Eigenlijk: net niet op tijd, want één dag eerder strandde een hele caravaan van Peking Express Frankrijk in de stad voor opnames voor het gelijknamige tv programma, met deelnemers uit Frankrijk. Jammer dat ik dat gemist heb. We checken in in hotel Pacha Mama, waar we een rustige kamer met badkamer vinden voor 8 euro per nacht. Er is een grote tuin aan het hotel en we nemen dan ook ontbijt buiten, onder een grote rozenstruik. Sucre is warm en de temperatuur zal ook de volgende drie dagen schommelen rond 28 graden. De stad wordt vaak vergeleken met Cusco in Peru, maar dat vind ik overdreven: Sucre is klein en er valt niet veel te beleven. Toch blijven veel backpackers hier soms tot twee maanden plakken omdat alles hier zo goedkoop is. Zoals Paul van Hooff, een journalist uit Nederland die tweeënhalf jaar geleden met z'n oude Moto Guzzi vertrok uit Amsterdam om er - naar eigen zeggen - nooit meer terug te keren. Zijn motor staat te pronken in de tuin van de hostal en Paul zelf vertelt met veel plezier over de reportage over Che Guevarra die hij net voor veel geld verkocht heeft aan Humo (zie Humo voorlaatste week oktober). Met de opbrengst kan hij makkelijk vier maanden verder feesten in Bolivië. Hoewel: een nieuwe opdracht lonkt, iets over Butch Cassidy and the Sundance Kid. Hou de Humo maar in de gaten...
Ander leuk stel in ons hotel ontmoet: Lykke en Wijnand, beide uit Utrecht en op doortocht in Zuid Amerika. Hun reisje van 6 maand maakte een flinke uitglijder toen ze door een vriendelijk Amerikaans stel werden uitgenodigd om enkele weken in hun huisje te komen wonen. Ondertussen zijn ze 8 maanden onderweg en hebben ze het stellige voornemen voor kerstmis terug thuis te zijn.
Met Lykke en Wijnand gaan we een avondje stappen in een prima kroeg vlakbij de Plaza die door een Nederlander gerund wordt. Elke avond om 7 uur stipt is er een filmvertoning. Om het gezellig te maken nemen we elk een cocktail mee naar het loungy ingerichte zaaltje. Een mojito of caiperiña kosten hier slechts 1 euro: lekker veel en lekker snel dronken. De film, hoewel spaanstalig, beklijft en blijft nog de hele avond in mijn hoofd hangen, zoals ook de caiperiñas.
Om 23 uur gaan we terug de straat op: feest! Alle studenten van Sucre en de wijde omgeving paraderen in feestelijke outfit door de stad. Werkelijk heel Sucre staat op straat en geniet van de show. Wij stellen ons op aan het eind van de parade, op de plaza: sommige meisjes en jongens hebben uren aan een stuk gedanst en vallen uitgeput maar voldaan in de armen van familie of vrienden.
De volgende dag sluiten we ons aan bij Lurdes voor een namiddagje mini-vrijwilligerswerk. Lurdes is een arts uit Barcelona en verblijft hier in Sucre voor een maand om de speelplaats van het plaatselijke weeshuis te vernieuwen. Zelf heeft ze 15 jaar geleden 3 kinderen uit datzelfde weeshuis geadopteerd. Jammer dat we deze schat van een vrouw niet eerder hebben leren kennen: nu kunnen we enkel een tweetal uurtjes mee gaan verven. Ingrid en ik verven elk een betonnen plantenbak rood. Onze collega´s die namiddag komen van overal: een meisje uit Zuid Afrika, twee jongeren uit Noord Amerika, een vrouw uit Frankrijk en wij dus. Als de kinderen rond 15 uur opstaan na hun middagdutje, moeten we stoppen met verven. Hup nog even met z'n allen poseren voor de foto en klaar is kees. Ik film wat van de activiteiten en heb de grootste moeite om de kinderen van de camera weg te houden. Ik beloof Lurdes volgend jaar een korte montage te maken: nog even geduld Lurdes!
28 oktober 2007
La Paz: herkansing
Als ik het vorige berichtje er nog eens op nalees, vind ik dat ik de stad iets te hard heb aangepakt.
Ik had jullie nog niet verteld over het fantastische zicht als je de stad binnenrijdt. La Paz ligt namelijk in een dal, en je kan vanop een afstand (vanuit de bus of -beter nog- het vliegtuig) die miljoenenstad heel mooi in de vallei zien schitteren.
Verloren lopen kan ook nauwelijks: je loopt waar je ook bent gewoon naar beneden, en dan kom je als vanzelf op de Prado uit, de lange hoofdstraat die de stad doormidden splijt en die jammer genoeg 3 keer van naam verandert.
Ook is het een stad waar werkelijk alles te koop is, behalve dan die hele lekkere kleine dessertbanaantjes waar we zo dol op waren in Ecuador. Een voorbeeld: op de stoep staan mensen met een oude tikmachine brieven in te tikken voor klanten die zelf niet kunnen typen. Op diezelfde stoep liet ik voor omgerekend 1 euro een nieuw batterijtje in m'n G-Shock stoppen - helaas is het ding nu niet meer waterdicht, maar dat is een detail. En in de bus maakten we het mee dat een verkoper kwam vragen of iemand wilde bellen met zijn gsm... tegen een schappelijke prijs uiteraard. Je kan maar beter leven van je gsm dan met je gsm, niet?
La Paz is betaalbaar, behalve die keer toen een verkoper aan kwam lopen met een... stethoscoop. Zelfs na ruim afbieden zou je er maar mee verveeld zitten, zo'n doktersjuweel om je hals.
Wij hebben het er twee dagen best naar onze zin gehad.
Ik had jullie nog niet verteld over het fantastische zicht als je de stad binnenrijdt. La Paz ligt namelijk in een dal, en je kan vanop een afstand (vanuit de bus of -beter nog- het vliegtuig) die miljoenenstad heel mooi in de vallei zien schitteren.
Verloren lopen kan ook nauwelijks: je loopt waar je ook bent gewoon naar beneden, en dan kom je als vanzelf op de Prado uit, de lange hoofdstraat die de stad doormidden splijt en die jammer genoeg 3 keer van naam verandert.
Ook is het een stad waar werkelijk alles te koop is, behalve dan die hele lekkere kleine dessertbanaantjes waar we zo dol op waren in Ecuador. Een voorbeeld: op de stoep staan mensen met een oude tikmachine brieven in te tikken voor klanten die zelf niet kunnen typen. Op diezelfde stoep liet ik voor omgerekend 1 euro een nieuw batterijtje in m'n G-Shock stoppen - helaas is het ding nu niet meer waterdicht, maar dat is een detail. En in de bus maakten we het mee dat een verkoper kwam vragen of iemand wilde bellen met zijn gsm... tegen een schappelijke prijs uiteraard. Je kan maar beter leven van je gsm dan met je gsm, niet?
La Paz is betaalbaar, behalve die keer toen een verkoper aan kwam lopen met een... stethoscoop. Zelfs na ruim afbieden zou je er maar mee verveeld zitten, zo'n doktersjuweel om je hals.
Wij hebben het er twee dagen best naar onze zin gehad.
La Paz
Na drie dagen blik op oneindig aan het Titicacameer moeten we verder, richting La Paz, de hoofdstad van Bolivië. Al is niet iedereen het met dit laatste eens. Er is namelijk een harde strijd aan de gang voor die betwiste titel van hoofdstad. Op dit ogenblik staan de kranten er hier vol van: Sucre, Santa Cruz én La Paz willen tegelijk aanspraak maken op de eretitel, en elk van de steden gebruikt met overgave het geduchte wapen in Bolivië: een staking of een wegversperring. Als we bijvoorbeeld enkele dagen later in La Paz de taxi nemen naar het busstation voor een nachtrit naar Sucre, vreest de taxichauffeur het ergste. Volgens hem zullen we in een blokkade terecht komen en kan het nog lang duren eer we Sucre kunnen bereiken.
We hebben vreselijke verhalen gehoord over La Paz. Het heeft de kwalijke reputatie de gevaarlijkste stad van Zuid Amerika te zijn. Boeven die zich uitgeven voor politie-agent. Boeven die zich uitgeven als taxichauffeur en je in de auto overvallen. Ga zo maar door.
Dus beslissen we de camera thuis te laten, geen taxi te nemen en politie -vals of echt- te mijden. Wie niets bij zich heeft, kan ook niet bestolen worden, denken we. Daarom kunnen we jullie van La Paz enkel foto's tonen van de binnenkoer van ons eerste hotel (een koppel duitsers is door Z-Amerika aan het trekken met hun BMW motor en een 50-tal kilo aan spareparts - flauw!), en de ontbijtzaal van het tweede hotel! Zodra we het hotel verlieten, bleef alle electronica netjes in de kamer achter.
Dus hebben jullie het raden naar volgende leuke ervaringen:
Heksenmarkten waar je voodoo popjes en andere lugubere dingetjes kan kopen zoals gemummificeerde delen van dode dieren. Of wat dacht je van een foetus van een lama?;
De lichtstraat, een wijk waar je superveel winkeltjes vindt met niks anders dan verlichtingsmateriaal;
Een superdruk oud stadscentrum met hele smalle straatjes boordevol winkeltjes met artesanias;
El mercado negro, een lint van wel een kilometer lang vol met kraampjes waar je namaak merkkleding kan kopen. Je hebt op den duur niet meer het gevoel 'op straat' te lopen omdat alles zo dicht op elkaar gepakt staat dat je de indruk krijgt in een supermarkt rond te lopen. Na een kwartier in dit labyrint blijkt het wel erg moeilijk een uitgang te vinden;
De studentenwijk Sopocachi waar je ook de wat sjiekere huizen en brede lanen terugvindt. We gaan er lunchen in een lekker vegetarisch restaurant en drinken achteraf een heerlijke échte koffie bij Alexander Coffee, aan een zonovergoten plein. Eindelijk eens een terrasje!;
Een optieker die erin slaagt Ingrid haar bril te herstellen. Het interieur is zo uit de jaren '80 weggelopen;
Lekkere ijsjes op de Prado, de brede hoofdstraat die La Paz doormidden snijdt;
De ontgoocheling toen we in het dure Ristorante Vienna lekker Italiaans dachten te gaan eten, maar op de menukaart enkel gerechten uit - inderdaad - Wenen aantroffen. Gelukkig was het niet allemaal Sauerkraut und Wurst.
24 oktober 2007
Isla del Sol
Op maandag 22 oktober brengt een boot - dit keer een echte mét motor - ons voor een hele dag naar Isla del Sol. Onderweg hebben we een prachtig zicht op de bergen rondom. Ja het is vreemd. We zitten op 4.000 meter, en rond ons zien we besneeuwde bergtoppen. Wat me nog het meest betovert, zijn de wolken die zich boven de boot vormen. Op de foto kan je zien hoe ze voorbij drijven in alle mogelijke tinten tussen wit en grijs. Die dag zal de zon ons niet in de steek laten: van 9 tot 18 uur staat ze loeihard te branden op ons hoofd.
De boot zet ons af op het noordelijke stuk van het eiland: Challapampa. Veel toeristen blijven hier ook overnachten. Dat hadden we beter ook gedaan, want dit is zo puur: er is geen enkele vorm van gemotoriseerd vervoer. Enfin, we bezoeken de ruines en een hoop stenen waarvan de gids beweert dat het heilige stenen zijn die vroeger de Roca Sagrada vormden. Je zou in de rotsformatie een gezicht van een puma moeten herkennen, maar daar heb je dan toch veel fantasie voor nodig. Hier heeft een God - hij liet zich aanspreken met Wiracocha - de zon, de maan en de sterren geschapen. Awel, nu weten jullie het ook.
Na die rondleiding vatten we de wandeltocht aan die ons naar de zuidelijke kant van het eiland brengt: Yumani. Het landschap is onbeschrijflijk mooi. Je hoort er enkel de wind en de vogels. We wandelen die 3 uur bijna volstrekt alleen op die aangegeven route: heerlijk hoe Ingrid me allerlei dingetjes in m`n oor fluisterde. Zoals: je hebt de laatste tijd zoveel naar andere vrouwen zitten kijken dat het me verbaast dat je me nog niet van die hoge rots hier hebt afgeduwd. Rond 16 uur en zonder verder geruzie vertrekt de boot terug naar Copacabana. Op de boot hebben we nog een leuke babbel met een ouder koppel uit Ieper. Ze zijn beide verliefd op Argentinië en geven ons veel tips.
Roeien!
We hadden dus zoals eerder aangegeven een wandeltocht naar Yampupata iets te laat aangevat, waardoor we rond 17 uur begonnen uit te kijken naar een lift terug. Er komen daar maar enkele auto's per uur voorbij, maar onze hoop ging uit naar een lift per boot. En ja hoor, daar kwam ons een jongen tegemoet die ons met zijn boot wilde terugbrengen naar Copacabana. We spraken een prijs af, en volgden hem naar zijn huis, want hij wilde 'nog snel enkele spullen pakken'. Hij komt terug naar buiten... met zijn broertje van 10, een stel roeispanen en een plastic zak. Je gaat ons toch niet terug ROEIEN? vragen wij meteen. Jazeker hoor, antwoordden de twee. Het is maar drie uurtjes roeien. DRIE? DAN IS HET DONKER! Maar de jongens hebben er geen oor naar: ze zijn het gewoon, zeggen ze. Goed, wij mee met die twee. Het bootje heeft de omvang van een 'optimistje', en het eerste uur hebben we er best plezier in. Maar dan begint de zon onder te gaan, de wind komt op, de jongens beginnen te zweten, de jongste begint te klagen over pijn aan de handen, en we krijgen kou. Ik probeer me bezig te houden met foto`s nemen, want de twee broers staan niet toe dat ik mee probeer te roeien. Ingrid kijkt ondertussen uit naar reddingsvesten. Die zijn er niet. Na twee uur roeien bevestigt de oudste een vlaggetje aan een soortement mast. Hij kijkt hoe de wind zit en haalt daarna uit zijn plastic zak een... zeil tevoorschijn. Na tien minuten sjorren en trekken en duwen is ons bootje omgevormd in een echte zeilboot! De oudste broer heeft dit zeil helemaal zelf in elkaar geknutseld. Ongelooflijk knap. Hij is duidelijk in zijn nopjes met onze complimenten. Na een half uur zeilen gaat de wind de andere richting uit waaien en moeten de jongens terug alle zeilen binnenhalen en beginnen roeien. Die laatste 20 minuten roeien is het pikdonker en bijzonder hard werken voor de jongens omdat er zo een sterke stroming staat. Ik denk dat we maar 10 meter per minuut vooruitgingen. Nog steeds is er geen denken aan dat ik mag helpen roeien: de oudste heeft altijd een ander excuus om zijn passagiers niet aan het werk te zetten. Als we uiteindelijk aan wal gaan, betalen we de jongens wat meer, want uiteindelijk hadden we dit labeur niet verwacht.
PIC OF THE DAY
Abonneren op:
Posts (Atom)